maandag 17 augustus 2015

Vriendinnetjes

Mag ik meespelen?
Maar wij spelen niets.
Wat spelen jullie dan?
Niets.
Ik wil meespelen!
Maar wij spelen niets.


Ik heb Lukas geleerd dat hij beter het werkwoord 'doen' kan gebruiken.
En dat als het antwoord 'niets' is, hij nog steeds kan vragen om mee niets te doen.

Soms wringt het een beetje. De meeste kinderen die hier komen spelen, staan in haar adresboek. Lukas vraagt er minder naar, zijn vriendjes wonen ook minder dichtbij en/of zijn dezer dagen weg op vakantie. Zijn zus moet haar speelkameraadjes (m/v) dus met hem delen. Maar zeker wanneer het meisjes zijn, willen ze soms ook hun eigen ding kunnen doen. Meestal lukt dat wel. Lukas zit zo vaak in zijn eigen spel dat de vriendinnen onderling meer dan genoeg tijd hebben. En wanneer Lukas meespeelt, excuseer, meedoet, doet hij dat goed.

Op de zelfgemaakte manège, met hun zelfgemaakte s(t)okpaardjes




Feest met de zelfgemaakte taartjes van de dochter van de bakker








Al blijft het een voortdurend balanceren tussen welbevinden enerzijds (Lukas heeft ook recht op leuk spelen) en vriendschap anderzijds (het moet leuk blijven om te komen spelen). Als puntje bij paaltje komt, leg ik de klemtoon op het eerste. Dan vertel ik Jana dat ze het geluk heeft om de meeste vriendjes over de vloer te krijgen en daarom rekening moet houden met haar broer. Misschien dat hij binnen een paar jaar, als hij 13 is of zo, zelfs blij gaat zijn dat hier een aantal tegen dan 16-jarige meisjes rondlopen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen