zondag 11 maart 2018

Onderkoeld enthousiasme

Ze had amper haar tanden gewisseld, toen ze op een dag van school thuiskwam: 'Mama, later ga ik naar de Wispelberg.' Ik verzekerde haar dat ze daar haar mooie hoofdje niet over moest breken. 'Die grote kinderen denken nu al aan de middelbare school, maar bij jou duurt dat nog jaren.'

Ik knipperde zelfs niet met mijn ogen en zie, ze zit in het vijfde leerjaar. Wij breken hier nu collectief onze mooie hoofden over het secundair onderwijs. Op aanraden van vrienden met oudere kinderen. Veel scholen gooien hun deuren open in het voorjaar, maar inschrijven moet je al in februari. Dus kun je beter nu al gaan kijken. Meer dan een jaar tevoren.

En zo zijn onze weekends momenteel gevuld met proeflessen, labobezoekjes, snuffelstages, schoolfeesten, infosessies. We kijken op de speelplaats, zwaaien lockers open en dicht, inspecteren refters, snuiven de muffe geur van turnzalen op.

Na elk bezoek krabbelen we op een blaadje de plus- en minpunten neer. Wat is onze eerste indruk? En hoe voelt het voor haar? Anders slaan we volgend jaar gegarandeerd al die scholen door elkaar. Daarna geeft zij sterren.



Dat is participatie in een onderhandelingshuishouden. Vader en moeder maken een preselectie, samen met de dochter gaan we daarna op scholentournee. Ze overlegt met ons en stelt een top 3 samen. Die zullen we volgend voorjaar ingeven in meld-je-aan.

Voor zover ik het centrale inschrijvingssysteem van de secundaire scholen in Gent begrepen heb, zit dat goed in elkaar. Je mag vijf voorkeuren ingeven en maakt meer dan 80% kans op een ticket voor de school van je eerste keuze. Of toch gemiddeld. Waar plaats genoeg is, heb je 100% kans, waar plaats tekort is natuurlijk veel minder.

En dat leidt voor mij tot volgend dilemma. Tijdens zo'n schoolbezoek durf ik al eens enthousiast worden. 'Het leerkrachtenteam ziet er hier wel gemotiveerd uit,' zeg ik dan bijvoorbeeld. 'De max, die eerste brede graad voor ASO en TSO.' Of: 'Pal in het centrum! Dat maakt het makkelijk bereikbaar en leuk om later het stadsleven te ontdekken.'

Tegelijk kunnen we niet laaiend doen. Het risico op teleurstelling als ze die plek niet krijgt, is te groot. Dus mag je niet volop kiezen voor een pedagogisch project, moet je bij elk bezoek eerder onderkoeld enthousiast zijn. 'Lijkt hier wel goed. Wat denk jij? Eentje voor de top 3? Hier wil je misschien wel naar school?'

Bij iets zo belangrijk als tmiddelbaar nergens volledig voor kunnen gaan, maar eerder matig enthousiast zijn? Ik vind dat niet gemakkelijk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten